Naar hoofdinhoud
Energieadvies Nederland

22 mei 2026

Energielabels C en D uitfasering 2040: wat je nu moet doen

4 min lezen

Terug naar nieuws
Energielabels C en D uitfasering 2040: wat je nu moet doen

In het kort

Het kabinet heeft bevestigd dat energielabels C en D per 2040 worden uitfaseerd in de huursector. Na de minimumeis van label D in 2029 volgt dus een tweede stap. Wie nu alleen naar label D investeert, doet dat in 2040 opnieuw. En tegen hogere kosten.

Samenvatting: uitfasering energielabels huurwoningen 2029 en 2040

Wat het kabinet precies heeft aangekondigd

Wat dit in de praktijk betekent voor de labeleis

De labelverplichtingen op een rij

Geen verhuurverbod, wel handhaving met tanden

Waarom nu beginnen goedkoper is dan wachten

Welke subsidies zijn er beschikbaar?

Wat een slimme verduurzamingsroute inhoudt

Label D gold tot voor kort als een acceptabel doel voor verhuurders die wilden voldoen aan de eis van 2029. Dat beeld is nu achterhaald. Het kabinet heeft bevestigd dat ook energielabels C en D per 2040 worden uitfaseerd in de huursector. Wie nu investeert om net label D te halen, doet dat over veertien jaar opnieuw voor de volgende stap. Twee keer investeren, twee keer installateurkosten, en de tweede keer tegen hogere tarieven omdat de markt dan overbezet is. De vraag is niet of je verduurzaamt. De vraag is of je het slim doet.

Minister Boekholt-O’Sullivan informeerde de Tweede Kamer eind april 2026 over de verduurzamingskoers voor de huursector. Naast de minimumenergieprestatie-eis per 2029 streeft het kabinet naar de uitfasering van labels C en D per 2040. De minister informeert de Tweede Kamer voor de zomer van 2026 over de verdere uitwerking. Dat betekent: de contouren staan vast, de details volgen. Voor verhuurders is dat reden om nu al te rekenen, niet om te wachten op het volledige wetgevingstraject.

In de sociale huursector wordt al voorgesorteerd op versnelling: corporaties werken toe naar het uitfaseren van de slechtste labels per 2028, conform de Nationale Prestatieafspraken. In de particuliere huursector ligt het verduurzamingstempo lager, maar dat wil minister Boekholt-O’Sullivan versnellen.

De reeks is nu helder. Het kabinet verplicht verhuurders om de slechte energielabels E, F en G per 2029 uit te faseren. Per 2040 moeten vervolgens ook de energielabels C en D verdwijnen. Wie nu een huurwoning heeft met label E, F of G, moet uiterlijk 1 januari 2029 op minimaal label D zitten. Wie dan op label D staat, moet in 2040 opnieuw een stap zetten naar minimaal label C. En de richting van het beleid richting 2050 wijst naar label B of hoger als eindpunt.

Een veelgehoord misverstand: er komt geen formeel verhuurverbod. Er komt geen gebruiksverbod voor huurwoningen in de regelgeving. Gemeenten zijn verantwoordelijk voor toezicht en handhaving. Bij overtreding kunnen zij een last onder dwangsom, bestuursdwang of een bestuurlijke boete opleggen. De consequentie van niets doen is dus niet dat je de woning per definitie niet meer mag verhuren, maar dat je een handhavingstraject riskeert met boetes en juridische kosten. Voor een verhuurder met meerdere panden kan dat snel oplopen.

“Verduurzamen is geen eenmalige actie, maar een doorlopend proces. Wie nu investeert om net label D te halen, doet dat over veertien jaar opnieuw voor de volgende stap.”

Het financieel argument om nu te beginnen staat los van de precieze politieke invulling van de 2040-eis. Er zijn twee mechanismen die wachten duurder maken.

Het eerste is de kostenontwikkeling. Materiaal en arbeid worden duurder, en hoe dichter bij een deadline, hoe drukker de markt voor installateurs. Vastgoed Belang heeft eerder gewaarschuwd dat de installatiecapaciteit in Nederland onvoldoende is om alle huurwoningen vlak voor de deadline van 2029 tegelijk te verduurzamen. Wie wacht, betaalt een schaarstepremie.

Het tweede is de dubbele investering. Wie nu alleen naar label D gaat, moet in 2040 opnieuw de portemonnee trekken voor de stap naar label C. Wie nu strategisch investeert richting label C of hoger, voorkomt die tweede ronde en spreidt de kosten over een langere periode.

Het kabinet erkent dat de kosten disproportioneel bij de verhuurder terechtkomen en biedt ondersteuning. De Subsidieregeling Verduurzaming en Onderhoud Huurwoningen (SVOH) biedt tot 15.000 euro per woning voor isolatiemaatregelen, warmtepompen en energieadvies, met circa 126 miljoen euro beschikbaar tot 2030. Daarnaast biedt een beter energielabel meer WWS-punten, wat een hogere maximale huurprijs mogelijk maakt. De investering kan zo deels worden terugverdiend via een hogere huur na mutatie.

Tip: combineer de SVOH-subsidie met een maatwerkadvies om te bepalen welke maatregelen per pand de beste verhouding geven tussen labelsprong, subsidiebedrag en terugverdientijd. Een gecertificeerd maatwerkadvies is ook een vereiste voor bepaalde subsidieaanvragen.

Niet elke maatregel levert hetzelfde op. Spouwmuurisolatie en dakisolatie geven bij de meeste woningen de grootste labelsprong tegen de laagste kosten. Bestaande isolatie vervangen puur om aan een norm te voldoen heeft een langere terugverdientijd. De slimste route is die waarbij je nu al naar label C of hoger schiet, zodat je de 2040-eis niet als aparte exercitie hoeft te doen. Dat vraagt om een portefeuilleanalyse per pand: wat is het huidige label, wat is de goedkoopste route naar label C, en hoe past de SVOH-subsidie daarin?

Wil je weten waar jouw portefeuille staat en wat een slimme route richting 2029 en 2040 is? Plan een gesprek met Energieadvies Nederland →

#nieuws