Kort antwoord
De labelklassen lopen van A++++ (zeer energiezuinig) tot G (zeer onzuinig) en weerspiegelen het primair fossiel energiegebruik per m² per jaar. Hoe hoger de klasse, hoe lager het energiegebruik, de energierekening en de CO₂-uitstoot — en hoe hoger doorgaans de woningwaarde.
Kernpunten
- A++++ t/m A zijn de zuinigste klassen; G is de onzuinigste.
- Sinds 2021 bepaalt het primair fossiel energiegebruik (kWh/m²/jaar) de klasse.
- Een hogere klasse verlaagt de energierekening en verhoogt de woningwaarde.
- Voor kantoren geldt minimaal label C; lagere labels mogen niet meer als kantoor in gebruik zijn.
Van A++++ tot G: de schaal
Het energielabel gebruikt een letterschaal. A++++ staat voor de meest energiezuinige gebouwen — vaak goed geïsoleerde nieuwbouw met zonnepanelen en een warmtepomp. G staat voor de minst zuinige, doorgaans oudere, slecht geïsoleerde panden. Tussen die uitersten liggen A+++, A++, A+, A, B, C, D, E en F.
Wat bepaalt in welke klasse je valt?
Sinds de invoering van de NTA 8800 is de klasse gekoppeld aan het primair fossiel energiegebruik, uitgedrukt in kWh per m² per jaar. Daarin tellen isolatie, beglazing, luchtdichtheid, het verwarmings- en ventilatiesysteem en eigen opwek (zoals zonnepanelen) allemaal mee.
Waarom de labelklasse er financieel toe doet
Een hogere klasse betekent een lagere energierekening en minder CO₂-uitstoot. Daarnaast laten onderzoeken zien dat een beter energielabel de woningwaarde meetbaar verhoogt en bij verhuur meer WWS-punten oplevert. Ook hypotheekverstrekkers bieden vaak ruimere leennormen voor zuinige woningen.
Veelgestelde vragen
Ja, qua energieprestatie. Label A betekent een lager energiegebruik, een lagere energierekening en doorgaans een hogere woningwaarde dan label C.
Kantoren moeten sinds 2023 minimaal energielabel C hebben. Een kantoor met label D of lager mag in principe niet als kantoor in gebruik zijn.